27-02-2019 Tim Janssens

Villa des Bégards: verrassende oase van rust

Restaurant Le Jardin des Bégards verhuisde van het centrum van Luik naar een burgerwoning in het nabijgelegen Embourg. De tuin werd omgeruild voor een stijlvolle villa, die zich aandient als een oase van rust. Architect Joël Louis en aannemer Séquoia bundelden de krachten om een unieke plek te creëren.

Onbeslist als ze waren over de exacte bestemming die ze de bestaande woning (voorheen bevolkt door een dierenarts) wilden geven, gingen de eigenaars eerst aankloppen bij de architect en de aannemer voor de meest dringende renovatiewerken. De woning bestond uit allerlei kleine kamertjes en was averechts georiënteerd – als het ware weg van de zon. Het interieur is grondig heringericht en opengewerkt aan de achterzijde, met de bedoeling om er een terras te kunnen aanleggen en een riante natuurlijke lichtinval te kunnen creëren. Enkele maanden later, eens beslist was dat het een restaurant zou worden, kregen de ingrepen een specifieker karakter met het oog op de nieuwe functie van de woning, waarbij er boven het restaurant gastenkamers en een werk- annex vergaderruimte werden ingericht. 

 

De diagonaal als rode draad

De architect en de aannemer wilden de woning een echte ziel geven via sterke bewegingen, die contrasteren met de klassieke gevel. Hoewel het terras aan de achterzijde uiteindelijk toch ingeruild werd voor een extra ruimte in het restaurant (inclusief een bijzondere ronde tafel), besloten ze toch te vertrekken van de diagonaal en deze dynamiek door te trekken in het volledige renovatieproject. Zo groeide het oorspronkelijke driehoekige terrasvolume uit tot de rode draad die het project zijn bijzondere identiteit verschafte. Ook de vloeren, de plafonds, de uitbreiding en het terras aan de voorzijde volgen die diagonale logica en de contrasterende perceptie die ze opwekt. De verschillende sferen in het restaurant zijn eveneens een gevolg van dit markante concept. De inkom is afgescheiden van het eetgedeelte via een opvallende wijnkast, die als visuele filter fungeert. Het restaurant is vervolgens opgedeeld in drie delen. Joël Louis: «Het was absoluut nodig om elk van deze ruimtes een eigen identiteit te geven, want de ruimtelijke beleving moest bijzonder zijn en in zekere zin de allure van een ontdekkingsreis hebben. Bovendien zijn er enkel kwalitatieve materialen gebruikt, zoals het een restaurant met standing betaamt.»

 

Ruimtelijkheid en lichtinval

Elke ruimte in het restaurant biedt een ander uitzicht. De tafels aan de voorzijde geven op intimistische wijze uit op de tuin, die afgescheiden is van de parking. Aan de achterzijde dwongen de beperkt ontwikkelde buitenruimte en het oninteressante zicht de architect om voor elke gevelopening een verschillende oplossing te bedenken. Terwijl het ene raam erg vroeg in de ochtend een weelderige natuurlijke lichtinval genereert, verzekert een ander exemplaar, dat is opgevat als een verticale spie, het contact met de middagzon. De grote doorlopende glaspartij neemt de functie van natuurlijke lichtbron over wanneer het einde van de dag nadert.

De wijnkast aan de inkom, die uitmondt in de keuken, vervult een cruciale functie omdat ze de bezoekers meteen onderdompelt in de restaurantcontext. De open keuken is meer dan de uiting van een trend. Ze toont eveneens aan dat er veel belang wordt gehecht aan de (verantwoorde) omgang met de geserveerde voedingswaren en symboliseert tevens de openheid die het restaurant in elke zin van het woord nastreeft. De keuken is ingericht in een aanbouw met een afzeliabekleding, die ook terugkeert in het sanitaire volume.

Voorts opteerden de architect en de aannemer voor relatief sobere materialen. Het meubilair en de kleuren zijn gekozen door de uitbater. De vele technische aandachtspunten hadden een cruciale impact op de ruimtelijke inrichting. Zo is de trap van het gelijkvloers bijvoorbeeld verwijderd, waardoor de verdiepingsniveaus enkel van buitenaf te bereiken zijn.

 

"Het streven naar kwaliteit komt in elk aspect tot uiting: het eten, de ruimtelijke beleving, het materiaalgebruik en de akoestiek"

 

Karaktervolle buitenzijde

De dominante diagonaal is ook aanwezig in de buitenruimte en komt onder meer tot uiting in het kronkelpaadje dat de parking verbindt met het terras en het restaurant. Het terras aan de voorzijde is ideaal gelegen en geniet optimaal van de middag- en avondzon. Akoestische panelen langs de weg beperken het lawaai van het voorbijrijdende verkeer.  

De markante identiteit van de bestaande voorgevel is bewaard. Hij is – in tegenstelling tot de andere gevels – aan de binnenkant geïsoleerd, zodat de karaktervolle bakstenen volledig tot hun recht komen. In combinatie met dikke pakketten vloer- en dakisolatie en de toepassing van specifieke technieken om koudebruggen en oververhitting te vermijden, maakt dit van het gebouw een soort ‘thermos’.

Het schrijnwerk geeft de gevel extra cachet. De uitkragende gevellijst en de diepte van de ramen doen denken aan de Maaslandse kunst, die erg aanwezig is in de Luikse regio. Aan de binnenzijde zijn de vensterbanken bewust verwijderd om het effect van een nis te creëren.

 

Comfortabele gastenkamers

De aannemer nam de volledige renovatie van de verdiepingsniveaus op zich – van de ruwbouwwerken over de productie van het maatmeubilair tot de keuze van de gordijnen en de zeepbakjes. De plafonds zijn uitgebroken, het schrijnwerk is vervangen, de muren zijn bekleed met valse wanden en het trappenhuis is opengewerkt en gemoderniseerd met behulp van lichtsleuven, welvingen en kokers. Tot slot zijn de plankenvloeren volledig geïsoleerd om een piekfijne akoestiek te garanderen, zodat het geluid uit het restaurant de gasten niet kan storen. Boven de kamers bevinden zich nog een vergaderzaal met kitchenette, een privékantoor, een wasruimte en sanitaire voorzieningen.

 

 

Akoestiek ten top

De plafonds van het restaurant zijn uitgevoerd met Rigitone SF 8/18 R-platen om zowel een visuele dynamiek als een uitstekende akoestiek te creëren. De buitenmuren zijn op hun beurt uitgerust met Habito-platen, die zich uitstekend lenen tot de (eenvoudige) verankering van decoratie-elementen en meteen ook het omgevingsgeluid reduceren. De binnenmuren zijn – eveneens vanuit akoestisch oogpunt – afgewerkt met Soundblock-platen. De vele lichtsleuven zijn op esthetische wijze vormgegeven met Gypforme A. De houtskeletmuren van de uitbreiding zijn bekleed met Rigidur H-platen, die zwaar materiaal kunnen dragen. En de vloer van de gastenkamers is opgebouwd uit Rigidur Floor-panelen, die het mogelijk maakten om de plankenvloer in ere te herstellen zonder enig gebruik van water.

 

Locatie Chaudfontaine
Bouwheer Restaurant La Villa des Bégards  
Architect Joël Louis                                                                                                           
Hoofdaannemer

Séquoia sa – Francis Paquay

 


  Meer artikels: Projectreportage
Projectgegevens
NIEUWSBRIEF

Wil je op de hoogte blijven van het reilen en zeilen in de bouwsector?

  INSCHRIJVEN