01-03-2019

Enkele gevolgen van de nakende hervorming van het contractenrecht voor de relatie met uw leveranciers

Voormalig minister van Justitie Geens heeft gedurende zijn ambtstermijn duidelijk aangetoond vastbesloten te zijn de geschiedenis in te gaan als één van de grote hervormers van ons Belgisch justitieel bestel. De insteek van Geens’ ‘Sprong naar het recht voor morgen’ was om het recht bovenal weer toegankelijk en voorspelbaar te maken voor iedereen. In deze hervormingsdrang worden ook de regels inzake overeenkomsten herbekeken, wat verstrekkende gevolgen teweegbrengt voor onder meer uw contracting-flow. Hoewel het op heden – gezien de politieke instabiliteit – onduidelijk is wanneer deze wijzigingen het levenslicht zullen zien, loont het zeker de moeite om nu reeds enkele van de mogelijke gevolgen nader te bespreken. Op die manier kan u proactief een aantal stappen zetten die de potentiële gevolgen van de hervorming voor uw onderneming temperen.

 

Knocked-Out! Tegenstrijdige algemene voorwaarden tegen het canvas.  

Een eerste situatie die we graag uitlichten behelst de toepasselijkheid van uw algemene voorwaarden in relatie met uw leveranciers. In zulke Business-2-Business relaties zal er vaak geen ondertekende overeenkomst voorliggen. Integendeel, meestal zal gewerkt worden met de algemene voorwaarden van de partijen. Bijgevolg komt de overeenkomst in die situatie meestal tot stand tijdens het uitwisselen van een aantal e-mails tussen u en uw leverancier. Zolang de samenwerking tussen de partijen vlot verloopt, wordt er in de regel weinig aandacht besteed aan de juridische onderbouw van de samenwerking.

Maar, u raadt het al, wanneer er een discussie ontstaat, rijzen er vragen omtrent welke regels een eventueel geschil zullen beheersen. ‘Dat valt onder onze algemene voorwaarden’, zullen zowel u als uw leverancier waarschijnlijk bij hoog en laag beweren. Het is genoegzaam bekend dat in principe maar één van beide partijen gelijk kan hebben, wiens voorwaarden bijgevolg met uitsluiting van die van de ander van toepassing zullen zijn. Op dit principe (en de integrale toepasbaarheid van uw voorwaarden) blijven vertrouwen na de hervorming, zou u wel eens bedrogen kunnen doen uitkomen.

In de toekomst zal de overeenkomst – bij gebrek aan schriftelijke overeenkomst tussen partijen - in de regel beheerst worden door de
voorwaarden van beide partijen.

 

In de eerste plaats drukt de wetgever een voorkeur uit voor de onderhandelde overeenkomst. Dit is logisch, aangezien er op die manier een duidelijke wilsovereenstemming tussen partijen blijkt, in de vorm van een door beide partijen ondertekende overeenkomst die de gehele samenwerking regelt. Helaas is dit – te weinig – realiteit en de wetgever is daar niet blind voor gebleven.

In de toekomst zal de overeenkomst – bij gebrek aan schriftelijke overeenkomst tussen partijen - in de regel beheerst worden door de voorwaarden van beide partijen. Dat gaat voor verwarring zorgen, heeft de bezorgde lezer zich terecht bedacht. Gelukkig bepaalt de wet ook dat tegenstrijdige bepalingen in de voorwaarden van de partijen uitgesloten worden, knocked-out zo u wil. De bezorgde lezer gerustgesteld? Neen! Want, wat als de voorwaarden zo tegenstrijdig zijn dat er (zo goed als) geen bepalingen overblijven? Ook daar voorziet de wetgever gelukkig een oplossing. Aangezien de regels inzake het verbintenissenrecht veelal van aanvullende aard zijn (lees: van toepassing zijn indien de partijen niets anders zijn overeengekomen), zullen in geval van vraagtekens de gewone wettelijke bepalingen van toepassing verklaard worden.

Het zal in de toekomst dus belangrijk worden om voldoende aandacht te besteden aan uw contracting flow met uw leveranciers/klanten die een onderneming zijn. Onderhandelde overeenkomsten zullen de nieuwe norm worden. Anders riskeert u mogelijk voor verrassingen te komen staan met betrekking tot de afspraken die uw overeenkomst zullen beheersen.

 

The point of no return?

Onderhandelen staat vrij. Dat wenst de wetgever ook zo te bevestigen in het ontwerp. Maar, onderhandelen is niet onbeperkt vrij. Of beter, onderhandelen kan wel eens minder vrijblijvend blijken dan u had verwacht. Zo dient u te allen tijde te goeder trouw te onderhandelen. Dit betekent onder meer dat die voor u vrijblijvend bedoelde onderhandeling, wel eens minder vrijblijvend dan gedacht zou kunnen blijken. Concreet mag u niet de indruk wekken dat de overeenkomst er zeker komt, om dan (bijvoorbeeld na het bekomen van waardevolle informatie) de onderhandelingen eenzijdig en zonder gegronde reden af te breken.

Let dus zeker op met het uitwisselen van e-mails, waaruit zou kunnen blijken dat er een akkoord bestaat tussen partijen. Indien u de overeenkomst graag aan welbepaalde voorwaarden onderworpen ziet, bevelen we u aan om deze voorwaarden steeds goed te benadrukken. Op die manier voorkomt u gebonden te zijn door een overeenkomst die u eigenlijk niet (of niet onder die voorwaarden) had willen afsluiten.

 

Dries ROOSES

Legal Consultant Deloitte Private

drooses@deloitte.com

 


  Meer artikels: Juridisch
NIEUWSBRIEF

Wil je op de hoogte blijven van het reilen en zeilen in de bouwsector?

  INSCHRIJVEN